“De doden horen niets”
De bewering — Soufiane Abu Abdillah:
“De Profeet ﷺ is in de barzakh. Die wereld heeft geen contact met de onze. Dat geldt voor álle doden: je kunt niet tot hen spreken.”
Qurʾān — let op wat het vers wél en níet zegt:
﴿إِنَّ ٱللَّهَ يُسْمِعُ مَن يَشَآءُ﴾“Voorwaar, Allah doet horen wie Hij wil.”— 35:22
Niet de mens bepaalt het. Allah ﷻ wél. “Geen contact” staat er nergens.
Sunnah — de Profeet ﷺ sprak de doden van Badr persoonlijk toe, en toen men opmerkte dat hij tot dóden sprak, zei hij:
«مَا أَنْتُمْ بِأَسْمَعَ لِمَا أَقُولُ مِنْهُمْ»“Jullie horen wat ik zeg niet beter dan zij.”— al-Bukhārī 3976
En de overledene hoort, vlak na de begrafenis, het geklepper van de sandalen van wie weglopen (al-Bukhārī 1338).
De salām aan de Profeet ﷺ — hier loopt de bewering volledig vast. Iedere moslim spreekt de Profeet ﷺ in élk gebed rechtstreeks aan, in de tweede persoon:
«السَّلَامُ عَلَيْكَ أَيُّهَا النَّبِيُّ وَرَحْمَةُ اللَّهِ وَبَرَكَاتُهُ»“Vrede zij met jóu, o Profeet, en de barmhartigheid van Allah en Zijn zegeningen.”— al-Bukhārī & Muslim
En de Profeet ﷺ zei:
«مَا مِنْ أَحَدٍ يُسَلِّمُ عَلَيَّ إِلَّا رَدَّ اللَّهُ عَلَيَّ رُوحِي حَتَّى أَرُدَّ عَلَيْهِ السَّلَامَ»“Niemand groet mij, of Allah geeft mij mijn ziel terug zodat ik zijn groet beantwoord.”— Abū Dāwūd 2041
Een groet in de tweede persoon — mét antwoord. Volgens de bewering staat men hier dus tegen een muur te praten.
De ṣaḥāba deden het — tijdens de droogte in het kalifaat van ʿUmar ﵁ kwam een man bij het graf van de Profeet ﷺ en zei: “O Boodschapper van Allah, vraag om regen voor je ummah, want zij gaan ten onder.” (Muṣannaf Ibn Abī Shaybah). Een metgezel die de Profeet ﷺ ná zijn dood aanspreekt.
De geleerden — Ibn Ḥajar (Fatḥ al-Bārī) verklaart de keten van die overlevering ṣaḥīḥ en identificeert de man als de ṣaḥābī Bilāl ibn al-Ḥārith ﵁. De verzen verzoent hij in één zin: de mens kan de doden niet uit eigen kracht doen horen; Allah ﷻ doet het wie Hij wil. Geen tegenspraak — een onderscheid.
De Profeet ﷺ sprak tot de doden, leerde ons hém te groeten, en de ṣaḥāba deden het bij zijn graf. Soufiane zegt dat het niet kan. Eén van beiden heeft de bronnen gelezen.
Lees ook
Reacties
Nog geen reacties.
Reageren